-

Verhalen

Hoogleraar beweert: ´Personeelstekort in Nederland is heel simpel op te lossen´

Werkgevers klagen nog steeds over personeelstekorten, maar volgens hoogleraar arbeidsverhoudingen Paul de Beer is de krapte op de arbeidsmarkt inmiddels verleden tijd. De cijfers onderbouwen zijn stelling, en de oorzaken van het aanhoudende tekort liggen volgens hem grotendeels bij de werkgevers zelf. Tijd om de balans op te maken: hoe staat het nu echt met de Nederlandse arbeidsmarkt?

Cijfers spreken boekdelen

In het eerste kwartaal van 2025 zijn er volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek 395.000 vacatures. Het aantal werklozen ligt op 407.000. In theorie zijn er dus genoeg werkzoekenden beschikbaar om alle openstaande banen in te vullen. Ter vergelijking: in 2022 was dit nog andersom. Toen waren er 464.000 vacatures tegenover slechts 329.000 werklozen. Het is duidelijk dat de spanning op de arbeidsmarkt flink is afgenomen.

Waarom is er dan nog steeds een tekort?

Toch blijven veel werkgevers hardnekkig roepen dat ze geen personeel kunnen vinden. Volgens De Beer is dat geen kwestie van vergrijzing of structurele tekorten, maar van onwil of onvermogen aan werkgeverszijde. De coronacrisis heeft tijdelijk voor extra beweging op de arbeidsmarkt gezorgd. Mensen gingen kritischer nadenken over hun werk en maakten vaker een carrièreswitch. Daardoor ontstond een tijdelijke keten van openstaande vacatures, die nu grotendeels is opgelost.

De impact van slechte arbeidsvoorwaarden

De Beer is uitgesproken over de rol van werkgevers. Volgens hem zijn het vooral slechte arbeidsomstandigheden die zorgen voor personeelstekorten. Dit speelt bijvoorbeeld in sectoren zoals de land- en tuinbouw, waar het werk zwaar is en de beloning mager. Alleen buitenlandse arbeidskrachten zijn vaak nog bereid om dit werk te doen. In de zorg ligt het probleem niet alleen bij het salaris, maar vooral bij de hoge werkdruk en bureaucratie.

De zorg als voorbeeld van een oplosbaar probleem

De uitstroom van personeel in de zorg is al jaren een groot probleem. Volgens De Beer is dit echter te keren zonder dat er direct hogere lonen nodig zijn. Door praktische maatregelen te nemen, zoals minder administratieve lasten, betere kinderopvang en meer autonomie in werktijden, kunnen zorginstellingen hun personeel beter behouden. Als de uitstroom afneemt, is het tekort binnen een half jaar verleden tijd, stelt hij.

Niet overal is het probleem denkbeeldig

Toch zijn er ook sectoren waar het tekort wél reëel is. Technologische bedrijven zoals ASML zoeken mensen met zeer specialistische kennis die in Nederland maar mondjesmaat te vinden zijn. Daar is het onvermijdelijk om naar het buitenland te kijken voor nieuw talent. Maar dit zijn uitzonderingen op de regel.

De mythe van structurele krapte

Demissionair minister Van Hijum sprak onlangs over personeelstekorten als een ‘fact of life’. De Beer veegt dit resoluut van tafel. Volgens hem is het geen onvermijdelijk gevolg van vergrijzing of economische trends, maar het resultaat van keuzes die werkgevers zélf maken. Kiezen zij voor betere omstandigheden, dan zullen de vacatures sneller vervuld raken.

Nieuwe manieren van werven: open hiring

Een innovatieve oplossing voor werkgevers is het zogenoemde ‘open hiring’. Hierbij hoeven werkzoekenden niet te solliciteren. Iedereen die wil werken, krijgt een kans. Dit verlaagt de drempel voor veel mensen die normaliter buiten de boot vallen, zoals langdurig werklozen of mensen zonder diploma’s. In een arbeidsmarkt met meer werklozen dan vacatures kan dit model effectief zijn om vacatures in te vullen.

Conclusie: het personeelstekort is geen natuurverschijnsel

De conclusie van Paul de Beer is helder: het huidige personeelstekort is in de meeste sectoren geen onoplosbaar probleem. Werkgevers hebben het grotendeels zelf in de hand. Wie goede arbeidsvoorwaarden biedt, slim werft en creatief omgaat met personeelsbeleid, hoeft geen lege roosters of stilvallende productie te vrezen. De arbeidsmarkt is in beweging, maar zeker niet onverbiddelijk.